Afgelopen zaterdagnacht werden de inwoners van noordoost Israël, waaronder ondergetekende, opnieuw opgeschrikt door het geluid van laag overvliegende straaljagers. Vijf Israëlische gevechtsvliegtuigen vlogen in de richting van de berg Hermon op de grens met Syrië. Eénmaal aangekomen boven de Golan Hoogvlakte werden de lichten van de vliegtuigen gedoofd en even later verstomde het gebulder van de motoren. Korte tijd later was hoorbaar dat de vliegtuigen, waarschijnlijk van het type F-15, terugkwamen van hun missie, en op weg waren naar de thuisbasis.
Omdat dit patroon zich tientallen keren heeft herhaald over de laatste paar jaar, lag de conclusie voor de hand dat de Israëlische luchtmacht (IAF) opnieuw een luchtaanval had uitgevoerd in het gebied rond de Syrische hoofdstad Damascus.
Buitenlandse media
Op zondag publiceerden Arabische media als eerste details over de aanval op “een woonwijk” in Damascus, waarbij vijftien mensen zouden zijn omgekomen.
Ook de NOS in Nederland publiceerde een bericht over de aanval. Ze haalden rapporten aan van het in Londen gevestigde Syrische Observatorium voor de Mensenrechten (SOHR) over de Israëlische aanval, waarin werd beweerd dat een gebouw was geraakt waarin “Iraanse militaire faciliteiten” waren ondergebracht. “Volgens getuigen” werd een gebouw getroffen in de buurt waar Iraanse militaire installaties stonden opgesteld.
Voordat we ingaan op wat er werkelijk gebeurde, eerst iets over het gebruik van SOHR als bron voor nieuws over Syrië. De ‘organisatie’ opereert inderdaad vanuit Londen en gebruikt, naar eigen zeggen, een netwerk van contacten in Syrië. Critici van het gebruik van SOHR als bron voor mediaberichten over Syrië zeggen echter dat de ‘organisatie’ uit één man bestaat. De Syrische staatsmedia zijn verder totaal onbetrouwbaar en publiceren slechts propaganda.
Het probleem is hier dat er slechts enkele grote en betrouwbare nieuwsorganisaties nog altijd actief zijn in Syrië. De rest van de media doet aan wat men in het Engels aanduidt als “copycat journalism”. In dit geval lag de nadruk in de berichtgeving op het feit dat een woonwijk in Damascus was aangevallen en dat er, naar verluidt, minstens vijftien mensen om het leven kwamen. Een nieuw humanitair drama in het door oorlog verscheurde land dus. Laten we nu kijken naar wat er naar alle waarschijnlijkheid echt gebeurde.
Reuters publiceerde op woensdag 22 februari een meer gedetailleerd rapport over de jongste Israëlische aanval op een Iraans doel in Syrië. Twee Arabisch sprekende journalisten van de nieuwsorganisatie spraken met mensen die ter plekke bekend zijn met de situatie en meer details prijs gaven over het doel van de Israëlische aanval. Volgens deze bronnen van Reuters werd er in het gebouw – dat werd getroffen door een IAF-precisieraket (zie de beelden die NOS publiceerde) – een vergadering gehouden over het programma van onbemande vliegtuigen en raketten van Iran. Deze vergadering werd o.a. bijgewoond door ingenieurs uit Iran en Syrië. Uit de beelden bleek ook dat het onderste gedeelte van het gebouw zwaar werd beschadigd door de raket(ten). Reuters bevestigde dat de aanval gericht was op de kelder van het gebouw waar de vergadering werd gehouden. Andere getuigen die Reuters opvoerde, waren er zeker van dat officials van Hezbollah en de Islamitische Revolutionaire Garde van Iran de vergadering bijwoonden. Zij spraken over het verder ontwikkelen van het geleide rakettenprogramma van Iran en Hezbollah.
Media in Iran claimden echter dat de aanval gericht was tegen een woonwijk en dat “onschuldige burgers” waren gedood of gewond. Israël reageerde, zoals gebruikelijk, niet officieel op de berichten over de nieuwe IAF-aanval in Syrië. Een niet nader genoemde Israëlische official vertelde echter dat sommige slachtoffers geraakt waren door Syrische luchtdoelraketten die hun doelen mistten. Daarmee gaf hij toe dat Israël achter de aanval zat. Israëlische inlichtingendiensten zoals Mossad en AMAN, de inlichtingentak van de IDF, beschikken bijna altijd over nauwkeurige informatie over Iran, Irak en Syrië.
MABAM en Irans nucleaire programma
De laatste IAF-activiteiten in Syrië kunnen niet los worden gezien van de zogenaamde MABAM-campagne van het Israëlische leger. Deze campagne, genaamd ‘oorlog tussen de oorlogen‘, tegen Iran en de toenemende imperialistische agressie van de Islamitische Republiek in de regio en daarbuiten is de laatste tijd geëscaleerd.
Deze escalatie is op zijn beurt weer niet los te zien van de verontrustende ontwikkelingen rond het nucleaire programma van Iran. Inspecteurs van het Internationale Atoomagentschap ontdekten dat Iran nu uranium hexafluoride heeft opgewerkt tot 84 procent, volgens het Amerikaanse nieuwsagentschap Bloomberg. Dit niveau ligt slechts zes procent onder de zogenaamde doorbraakcapaciteit van negentig procent, wat nu in zeer korte tijd kan worden gerealiseerd. Wanneer dat gebeurt, is Iran in staat om tenminste twee of zelfs vier kernkoppen te produceren. Volgens deskundigen heeft Iran tot twee jaar nodig om deze kernkoppen te produceren en op een ballistische raket te monteren die Israël kan bereiken. Iran is echter al betrapt op het testen van ontstekers voor een nucleair wapen in het Parchin militaire complex. Niemand schijnt te weten of het fanatieke regime al dan niet verder heeft gewerkt aan de productie van een kernkop. Nadat het IAEA Iran om opheldering had gevraagd, heeft het regime in Teheran inmiddels toegegeven dat het uranium heeft verrijkt tot 84 procent.
Toegenomen IAF-activiteit
Deze ontwikkelingen, tezamen met de herhaaldelijk geuite dreiging dat het regime in Iran Israël zal vernietigen en de MABAM-campagne, hebben de laatste tijd tot aanmerkelijk verhoogde IAF-activiteit geleid in het Israëlische luchtruim. In het kader van de voorbereidingen op eventuele militaire actie tegen Iran werd deze week ook het militaire budget van het Israëlische leger opnieuw verhoogd. Premier Benjamin Netanyahu hield de afgelopen weken verder een serie van vijf ontmoetingen met de top van de IDF, IAF, Mossad en AMAN over militaire actie tegen Iran.
Twee weken geleden voerde Iran de psychologische oorlog tegen Israël verder op met de publicatie van een foto van een ballistische raket. Op die raket was in het Hebreeuws geschreven: Dood aan Israël (Mavet L’Yisrael). Netanyahu reageerde op deze nieuwe provocatie door te zeggen dat het enige wat een schurkenregime kan afhouden van het ontwikkelen van nucleaire wapens is: een geloofwaardige militaire dreiging overbrengen of militaire actie ondernemen.
Dat laatste lijkt nu in de laatste stadia van voorbereiding, zoals het ongewoon hoge aantal IAF-activiteiten in het Israëlische luchtruim vorige week leek aan te geven.
In Iran werden donderdagavond twee nieuwe explosies gemeld bij de nucleaire faciliteit, gevolgd door luchtafweergeschut van lokale IRG-batterijen. De door het regime gecontroleerde media beweerden dat de explosies deel uitmaakten van een oefening, maar westerse media verwezen naar Israëlische OSINT-rapporten die de twee explosies in de nucleaire faciliteit van Karaj aangaven. Deze rapporten gaven duidelijk aan dat de fabriek opnieuw het doelwit was geweest, net als in 2021, toen de Mossad quadcopter-drones gebruikte om het nucleaire werk in Karaj te saboteren. Ooggetuigen in Iran meldden ook dat de IRG “schoot op een drone” kort na de explosies.