Het Jodendom verdient evenveel respect als de islam

Het bezoek van een journalist aan Mekka was verkeerd en kan de normalisatie tussen Israël en Saoedi-Arabië tegenhouden. Maar deze stunt analiseren met Joden die de Tempelberg bezoeken of er bidden, is even beledigend.

Door Jonathan S. Tobin |
De hadj in Mekka, Saoedi-Arabië. (Foto: Pixabay)

Het blijkt dat er in het tijdperk van clickbait journalistiek een aantal stunts zijn die echt te ver gaan. Toen nieuwsverslaggever Gil Tamary van het Israëlische TV Kanaal 13 eerder deze maand de stad Mekka binnensloop, heeft hij zijn mede-Israëliërs misschien een lesje geleerd over hoe moeilijk het kan zijn om de laatste stappen te zetten van de huidige stilzwijgende alliantie met de Saoedi’s naar een volledige normalisatie.

Tamary maakte blijkbaar deel uit van de Israëlische delegatie die naar Saoedi-Arabië ging toen president Joe Biden daarheen vloog na zijn bezoek aan Israël. In Jeruzalem werd veel gesproken over de historische aard van de rechtstreekse vlucht en de bereidheid van de Saoedi’s om nog enkele andere concessies te doen die hun nu sterke banden met de Joodse staat verder verstevigden. Toch was dit aspect van een voor het overige weinig productieve top voldoende om ten minste één van de Israëli’s aan te moedigen de gewoonten van het land te negeren.

Tamary’s begrip van hoever de Saoedische staat en de moslimwereld bereid zijn te gaan in de richting van normalisatie is even zwak als zijn begrip van wat aanvaardbaar wordt geacht in wat, ondanks de inspanningen van kroonprins Mohammed bin Salman om de regering van het land te liberaliseren, nog steeds een rigide theocratische samenleving is. Met behulp van een plaatselijke gids reed hij de stad in waar zich het heiligste heiligdom van de islam bevindt, langs borden waarop duidelijk staat aangegeven dat het voor niet-moslims verboden is de stad te betreden. Maar hij trok zich snel terug toen bleek dat hij door de plaatselijke autoriteiten zou kunnen worden betrapt.

In plaats van deze dwaze stunt stil te houden, dachten Tamary en zijn superieuren bij Channel 13 dat ze een primeur hadden die de moeite van het uitzenden waard was. Maar toen het afgelopen maandag werd uitgezonden, was de storm van kritiek van Moslims die het teweegbracht genoeg om ook van vele Israëliërs veroordelingen te horen. Hoewel de tegenreactie niet van het niveau is van het waanzinnige geweld dat uitbrak nadat een Deense krant in 2005 cartoons van de Profeet Mohammed publiceerde, is het nog steeds een zorgwekkende en volkomen onnodige afleiding van de inspanningen om de barrières tussen Israël en de moslimwereld af te breken.

Tamary is niet de eerste die de regels over niet-moslims in Mekka overtreedt. In 1853 sloop de Britse geleerde, soldaat, diplomaat en ontdekkingsreiziger Sir Richard Burton (geen familie van de 20ste-eeuwse acteur) Mekka binnen en waagde zich daadwerkelijk aan een hadj, een islamitische pelgrimstocht naar de stad. Maar hij deed dit na een moeizame studie van de Islam en voorbereidingen (waaronder het ondergaan van een besnijdenis) tijdens zijn jaren onder moslims in India. Ter vergelijking: Tamary’s uitstapje was een pleziertochtje en ontbeerde volledig respect, niet alleen voor de regels, maar ook voor de gewoonten en gevoeligheden van de moslims.

Daarmee heeft hij zichzelf en zijn Israëlische collega’s meer dan blootgesteld aan kritiek wegens ongevoeligheid voor de Saoedi’s en moslims in de hele wereld. De timing is vooral slecht omdat hij komt op een moment dat de hoop weer toeneemt dat de Saoedi’s zich eindelijk zullen aansluiten bij andere moslimlanden die hun betrekkingen met Israël hebben genormaliseerd.

Die verwachtingen kunnen onrealistisch zijn omdat de Saoedi’s de huidige situatie waarin zij militaire en zelfs economische banden met Israël onder tafel kunnen houden zonder het verwijt van andere moslims te moeten incasseren dat zij de Joodse staat formeel erkennen. Bovendien berust de legitimiteit van het Saoedische regime bijna volledig op zijn positie als bolwerk van de Wahabi-sekte van de islam en zijn rol als bewaker van de heilige plaatsen van de moslims. Kroonprins MBS mag dan bereid zijn Saudi-Arabië in vele opzichten te veranderen, open diplomatieke betrekkingen met Israël zijn wellicht te veel gevraagd. Alles wat lijkt op een afzwakking van het respect voor de heiligdommen in Mekka en Medina – en het vooruitzicht daarvan wordt door islamitische critici in Iran en elders gemakkelijk in verband gebracht met de heiligschenningsdaad van Tamary – vormt een bedreiging voor het Saoedische regime.

In dat licht bezien kan wat misschien slechts bedoeld was als een journalistieke stunt van een zeer dwaas persoon, geostrategische implicaties hebben die niet alleen van invloed zullen zijn op de vooruitzichten op normalisatie, maar ook op de pogingen om een regionale alliantie tegen Teheran te smeden.

Er is nog een andere conclusie uit dit fiasco die ook enige aandacht verdient.

Zoals zelfs sommige Israëlische media opmerkten, zullen velen in de moslimwereld een analogie trekken tussen de ondoordachte daad van Tamary en de bereidheid van de Joden om de Tempelberg te bezoeken en er zelfs te bidden. Sommigen, zoals Haaretz, vergeleken het zelfs met de wandeling van Ariel Sharon op de berg, die door apologeten van de Palestijnse leider Yasser Arafat is gemythologiseerd als het begin van de Tweede Intifada. Het feit dat Arafat die terroristische uitputtingsslag had gepland als reactie op Israëlische vredesvoorstellen heeft niets afgedaan aan de bereidheid van sommigen in de pers en ter linkerzijde om de grote leugen te verdedigen dat Palestijns terrorisme een reactie is op Joodse ongevoeligheid en/of complotten om de moskeeën op de berg te verwijderen.

Moslims hebben het volste recht om van Israëli’s en ieder ander te verwachten dat zij hun gewoonten en religieuze gevoeligheden met betrekking tot Mekka respecteren, maar het idee dat dezelfde regels zouden moeten gelden in Jeruzalem is niet zozeer ongepast als wel schandalig.

Israël heeft geen plannen of intenties om zich te bemoeien met de moskeeën op de Tempelberg, laat staan ze te vernietigen of te ontheiligen. Dat gezegd hebbende, elk verbod voor Joden op het heilige plateau is een belediging voor het Jodendom, geen respect voor de Islam.

De Tempelberg is de heiligste plaats in het Jodendom. De Westelijke Muur, al twee millennia lang het brandpunt van de Joodse eredienst, wordt vereerd omdat het het laatste overblijfsel is van de Joodse Tempel die daar stond. De berg was de plaats waar de Tempel stond en waar de heilige Joodse diensten werden uitgevoerd zoals beschreven in de Bijbel.

Zie: Een verborgen berg, een verborgen rivier, en de terugkeer van de koning

Volgens de gewoonten van veroveraars door de geschiedenis heen, gebruikten de Romeinse, Christelijke, en uiteindelijk, Moslim bezetters van Jeruzalem de plek om hun superieure status over de Joden te demonstreren door de plaats van de Heilige Tempel te veranderen in heiligdommen voor heidense goden, het Christendom en daarna de Islam.

Tot op de dag van vandaag blijven Palestijnse leiders de leugen verkondigen dat de Tempelberg geen verband houdt met het jodendom en uitsluitend een islamitische heilige plaats is. Sinds de bevrijding en eenwording van Jeruzalem in 1967 hebben de Israëlische autoriteiten de gevoeligheden van de moslims getemperd door toe te staan dat de berg verboden blijft voor joodse erediensten en dat ook het recht van joden om de berg te bezoeken wordt beperkt. Daarmee is het de enige plaats in Israël waar officieel gesanctioneerde religieuze discriminatie mag bestaan.

Ja, het is juist om Tamary’s daad van heiligschennis te veroordelen. Maar hetzelfde gevoel van verontwaardiging over het gebrek aan respect voor de gevoeligheden van gelovigen dat in het algemeen wordt geuit over Mekka, zou niet moeten worden uitgebreid tot moslimeisen om Joden van de Tempelberg te weren of hen te verhinderen daar te bidden. Integendeel, het is de islamitische vasthoudendheid aan de verovering van de heilige plaats van een ander geloof – en de minachting voor zowel het jodendom als de joodse rechten die deze praktijk belichaamt – die een brede veroordeling verdient.

Inderdaad, als Moslims van anderen verwachten dat zij hun regels over Mekka respecteren – en zij hebben het volste recht dat te doen – dan zouden zij ook bereid moeten zijn Joden dezelfde behandeling te geven. Dat zij dat niet doen is een teken van hun voortdurende onwil om andere geloofsovertuigingen als legitiem te behandelen, alsmede van hun voortdurende overtuiging dat de hele regio inherent islamitisch is en dat niet-moslims daar dhimmi, tweederangs personen, zijn.

Dat de wereld deze dubbele standaard blijft tolereren, is deels het gevolg van de wens om de islam en moslimterroristen te sussen, en van de onwil van het Westen om te eisen dat hun instellingen en cultuur met dezelfde eerbied worden behandeld als die van de islam.

Joden en andere niet-moslims moeten wegblijven uit Mekka. Maar het idee dat joden op dezelfde manier moeten worden geweerd van de heiligste plaats in het jodendom is niet zozeer een kwestie van respect voor de islam als wel een legitimatie van gebrek aan respect voor joden en antisemitisme.

Jonathan S. Tobin is hoofdredacteur van JNS-Jewish News Syndicate. Volg hem op Twitter op: @jonathans_tobin.

Israel Today nieuwbrief

Dagelijks nieuws

Gratis in uw mailbox

Israel Heute Newsletter

Tägliche Nachrichten

FREI in Ihrer Inbox