Sinds minister van Justitie Yariv Levin begin januari van dit jaar zijn controversiële constitutionele en justitiële hervormingen in Israël onthulde, zijn er honderden artikelen verschenen die een verhaal vormen dat voorbijgaat aan de diepere wortels van het hervormingsproces.
Het heersende verhaal is dat Israël zijn democratische karakter dreigt te verliezen en in een “dictatuur” dreigt te veranderen, en dat Levin en zijn cohorten een staatsgreep plegen.
Voordat we kijken naar de wortels van Levins hervormingsplan, lijkt het nuttig om de slogans die de tegenstanders gebruiken nader te bekijken.
Slogans
De hervormingen zouden de democratie in Israël bedreigen en de Joodse staat veranderen in een “dictatuur” of zelfs een “fascistische staat”, zeggen ze. Als we nu naar de werkelijkheid kijken, zien we dat deze slogans vals zijn en proberen het ware motief achter de protestbeweging te verdoezelen.
De hervormingen van Levin vormen geen bedreiging voor de democratie, maar zullen haar versterken. Dit is onder meer verklaard door professor Eugene Kontorovich, een bekend expert op het gebied van Israëlisch en internationaal recht, en professor in de rechten Avi Bell, die schreef dat “Israëls Hooggerechtshof juridisch uniek is geworden en niet gebonden is aan duidelijke regels”. Bell schreef ook dat Israëls Hooggerechtshof een macht heeft “die in geen enkele andere moderne democratie ooit heeft bestaan”.
Sinds het midden van de jaren negentig is de macht van Israëls wetgevende macht uitgehold door de rechterlijke macht, met name het Hooggerechtshof. Besluiten van de democratische regering van Israël zijn herhaaldelijk door het hof vernietigd, en niet alleen op juridische gronden.
Lapids ondoorzichtige agenda
Yair Lapid, de huidige oppositieleider en nu een van de felste tegenstanders van het hervormingsplan, zei in 2016 dat deze hervormingen noodzakelijk waren. Dit is wat Lapid toen zei:
“Het is naar mijn mening niet juist dat alles gerechtelijk wordt… Voor het Hooggerechtshof om de orde van de wereld te veranderen door de ‘redelijkheidstoets’ toe te passen (met betrekking tot regeringsbenoemingen). Naar mijn mening is het niet juist dat één instantie zich verheft boven de andere (verwijzing naar de Hoge Raad).”
Hieruit blijkt onder meer duidelijk dat Lapid en zijn cohorten een andere agenda nastreven, een agenda die wordt gedomineerd door blinde haat tegen premier Benjamin Netanyahu en de droom dat door het organiseren van massale demonstraties en andere vormen van “verzet” de uitslag van de laatste verkiezingen op 1 november 2022 nog kan worden teruggedraaid.
Dictatuur?
De leuzen dat Israël op weg is naar een dictatuur en dat de regering een staatsgreep pleegt, zijn even absurd en vals.
Hoe kan een wet die door de democratisch gekozen meerderheid van een parlement wordt gesteund een land in een dictatuur veranderen, en hoe kan een democratisch gekozen regering een staatsgreep plegen? Deze argumenten hebben niets te maken met het hervormingsplan van Levin, maar met de angst van links dat er nu een rechtse regering is met alleen maar religieuze partijen naast de seculiere Likoed-partij, en dat Israël verandert in een theocratische dictatuur naar het voorbeeld van de Islamitische Republiek Iran.
Dit bleek vorige week uit een demonstratie in Kaplan Street in Tel Aviv, met een parade van goed georganiseerde demonstranten, gekleed in identieke kostuums uit de tv-serie The Handmaids Tale. De bedoeling was duidelijk te laten zien dat deze regering Israël zal veranderen in een theocratische dictatuur die vrouwen en andere minderheden zal onderdrukken.
Het is duidelijk dat de organisatoren van de demonstraties en andere vormen van verzet door andere motieven worden gedreven dan louter verzet tegen de voorgestelde hervorming van Israëls rechtssysteem.
Angst van links
De overwegend seculiere, links georiënteerde demonstranten delen de vrees dat de hervorming het begin is van een proces dat uiteindelijk de linkse elite, die de Israëlische politiek altijd heeft gedomineerd, buitenspel zal zetten.
Deze vrees werd verwoord door Guy Rolnik, oprichter van het mediatijdschrift The Marker, tijdens de recente demonstratie in Tel Aviv. “Ik ben nog nooit zo bang geweest als in de dagen na de goedkeuring door de regering van het messiaanse plan van het Kohelet Forum om de democratie te elimineren,” zei Rolnik tegen de menigte in Tel Aviv.
Rolnik verwees naar Moshe Koppel en andere deskundigen van het Kohelet Forum die de architecten waren van Levins gerechtelijke hervorming en die zeker niet gedreven werden door een “messiaanse visie”.
Koppels bezorgdheid
Koppel, de oprichtende voorzitter van Israëls meest invloedrijke denktank Kohelet, zei vorige week in een interview met de Jerusalem Post dat hij aan angst lijdt. De professor doelde niet op de angst voor het einde van de democratie in Israël, maar op de karaktermoord op hem en anderen door een groot deel van de Israëlische media en de organisatoren van de protesten.
Koppel toonde zich ook bezorgd over wat er zou kunnen gebeuren als de protesten het hervormingsproces doen ontsporen. “Dan zouden mensen die zich niet vertegenwoordigd voelen door de rechtbank nog meer vervreemd raken en het gevoel krijgen dat het hele politieke systeem gemanipuleerd is,” verklaarde Koppel nadat hij de emotionele wortels van het huidige justitiële hervormingsproces had belicht.
Emotionele wortels van het hervormingsplan
Die wortels werden geplant in de zomer van 2005 toen de Israëlische regering van premier Ariel Sharon het zogenaamde disengagement plan uitvoerde. Dit werd gedaan met steun van het linkse kamp in de Knesset, een deel van de Likoed-partij, en met de toestemming van het Israëlische Hooggerechtshof.
Het disengagement plan bestond uit twee componenten. Ten eerste was er de unilaterale terugtrekking van het Israëlische leger (IDF) uit Gaza tot de laatste man. Ten tweede was er de gedwongen ontruiming van alle Joodse dorpen in Gaza en van Homesh, een Joods dorp in noord Samaria. Homesh haalde na de ontruiming herhaaldelijk het nieuws toen religieuze Joden probeerden om het dorp te herbouwen. Dat werd keer op keer ongedaan gemaakt door de IDF, maar activisten slaagden er uiteindelijk in om een yeshiva (Thoraschool) op de resten van het verwoeste dorp te stichten.
Hooggerechtshof en terugtrekking
In de maanden voorafgaand aan de uitvoering van het disengagement plan werden er wekelijks ook demonstraties gehouden die sporadisch gewelddadig werden. Activisten die werden gearresteerd werden het slachtoffer van langdurige ondervragingen en detentie door de Israëlische binnenlandse geheime dienst Shin Beth. Sommigen van hen werden zonder vorm van proces langdurig vastgehouden. Het Israëlische Hooggerechtshof verwierp vervolgens petities tegen deze Shin Beth-praktijken en tegen de administratieve detentie van Joodse activisten. Het hof zag echter geen reden om het disengagement plan zelf op legale gronden te verwerpen en maakte zo de weg vrij voor de ontruiming van de Joodse dorpen in Gaza (Goesh Katif) en Homesh.
Oorsprong trauma
De woede en frustratie onder de honderdduizenden Joden die in Gaza, Judea en Samaria woonden was enorm. Dit gold ook voor het grootste deel van het rechtse kamp in Israël. Daarbij ging het niet alleen om de regering van Ariel Sharon die, ten gevolge van de disengagement, brak met de Likoed-partij en vervolgens met politici van rechts en links de Kadima-partij oprichtte. De woede richtte zich ook tegen het Hooggerechtshof, dat ieder middel dat door het justitiële apparaat werd gebruikt tegen opponenten van de disengagement goedkeurde. Dit stond in schril contrast tot de wijze waarop het hof vaak de rechten van Palestijnse Arabieren beschermde. Van het hof werd verwacht dat het de basiswet Menselijk Digniteit en Vrijheid, die men in 1992 promootte en die op slinkse wijze door de Knesset werd geloodst, zou toepassen. Deze basiswet (Israël heeft geen grondwet) werd door het hof talloze malen gebruikt in het voordeel van de Palestijnse Arabieren en tegen regeringsbesluiten die te maken hadden met de aanwezigheid van de Joden in de drie voornoemde gebieden.
Het hof en ‘het systeem’
De Israëlische journalist Shlomo Pyuterkovsky legde in een artikel voor de Hebreeuwstalige krant Makor Rishon op 17 januari jl. uit dat het “hele systeem dat werd gebruikt om het verzet (tegen de disengagement) te breken werd goedgekeurd (door het hof). Hetzelfde hof dat een decennium eerder verklaarde dat de Staat Israël een nieuw tijdperk van constitutionele revolutie was binnengetreden. Een tijdperk van bescherming van menselijke en burgerlijke rechten,” schreef Pyuterkovsky.
“We verwachtten niet dat het Hooggerechtshof de disengagement zou stoppen. We verwachtten het zelfs niet toen premier Ariel Sharon iedere basisstandaard van eerlijkheid en democratie vertrapte. Dat is de rol van de Knesset. We verwachtten eerlijkheid, moraliteit, samenhang en de verdediging van de individuele rechten van de tegenstanders van de disengagement. We verwachtten dat het Hooggerechtshof aan de zijde zou staan van de zwakken wiens rechten werden vertrapt door een systeem dat in zijn geheel tegen hen was. We verwachtten dat het hof een baken voor de rechtsstaat en het recht zou zijn. We werden voor de gek gehouden,” schreef de Makor Rischon-journalist.
Nationaal trauma
De ontruiming van Goesh Katiff en Homesh werd niet alleen een nationaal trauma door de wijze waarop die werd uitgevoerd echter ook door de nasleep ervan. De geëvacueerde inwoners van deze gebieden werden in hotels ondergebracht en vervolgens in prefab huizen. Velen van hen woonden nog steeds in deze tijdelijke woningen vijf jaar na de disengagement in augustus 2005. Een groot gedeelte van deze Israëli’s kon aanvankelijk geen werk meer vinden en de aangekondigde compensatie stond in geen verhouding tot de schade die was aangericht.
Een aantal ministers in de nieuwe Israëlische regering nam deel aan de protesten tegen de ontruimingen. Onder hen Betzalel Smotrich die nu minister van Economische Zaken is en minister van Civiel Bestuur in Judea en Samaria. De laatste post is nieuw en heeft te maken met het feit dat Smotrich nu eindelijk iets wil doen aan de rechten van de Joden die in Samaria en Judea wonen, en aan de status van deze gebieden.
Dit verklaart nu ook waarom een nieuwe wet werd geïntroduceerd, die een deel van de disengagement wet zal schrappen. Het gaat daarbij om Homesh dat zeer waarschijnlijk zal worden gelegaliseerd. Tegen de tijd dat de wet zal worden aangenomen zullen de hervormingen van het rechterlijke systeem in Israël naar alle waarschijnlijkheid al ingevoerd zijn. Het Hooggerechtshof zal dan niet meer in staat zijn om ‘in te grijpen’.
Intellectuele en emotionele wortels
De intellectuele wortels van de hervorming van het rechterlijke systeem in Israël werden geplant in 1995 toen de toenmalige opperrechter Aharon Barak met de basiswet Menselijk Digniteit en Vrijheid in de hand een rechterlijke revolutie begon. Vanaf die tijd eigende het Hooggerechtshof zich meer bevoegdheden toe. Dit werd mogelijk gemaakt door de opmaak van het hof, dat uit rechters met een linkse ideologie bestond, en door de samenstelling van het Knesset comité dat de rechters van het hof benoemd. De hervorming voorziet nu in een wijziging van de samenstelling van dit comité en in het inperken van de macht van het Hooggerechtshof.
Echter de emotionele wortels van de hervormingen die minister van Justitie Yariv Levin introduceerde, liggen echter in het disengagement trauma. Er is binnen het rechtse kamp een zeer sterk gevoel dat de regering nu het onrecht, aangedaan in de zomer van 2005, zal gaan rechtzetten.