Toen hoorden ze Hebreeuws

Ter gelegenheid van de 50e verjaardag van Operatie Entebbe blikt Gadi Ilan, voormalig commando van de Sajeret Matkal, terug op de gewaagde reddingsmissie – en op de gezichten van de gegijzelden die hij nooit is vergeten.

Door Tania Shalom Michaelian | | Onderwerpen: Israel, Entebbe, Oeganda
Terugkeer van de Air France-gegijzelden die tijdens de bevrijdingsoperatie in Entebbe werden gered. Foto: Moshe Milner/GPO

Vijftig jaar na Operatie Entebbe herinnert Gadi Ilan zich in eerste instantie niet het geweervuur. Of de explosies. Ook niet het moment waarop hij zag hoe zijn commandant, luitenant-kolonel Jonathan ‘Yoni’ Netanyahu van de elite-eenheid Sajeret Matkal en oudere broer van de huidige premier Benjamin Netanyahu, door vijandelijk vuur werd geraakt.

Hij herinnert zich de gegijzelden.

‘Als er één ding is dat ik van de operatie moet benadrukken’, aldus Ilan tegen JNS in een exclusief interview ter gelegenheid van de 50e verjaardag van de operatie, ‘dan is het wel de aanblik van de gegijzelden toen we binnenvielen.’

Op 4 juli 1976 vlogen Israëlische commando’s de ruim 4.000 kilometer naar Oeganda, om meer dan 100 gegijzelden te bevrijden die door Palestijnse en Duitse terroristen op de luchthaven van Entebbe werden vastgehouden. De missie werd een van de beroemdste bevrijdingsoperaties uit de militaire geschiedenis.

Zeven dagen lang hadden de gegijzelden op de vloer van de oude terminal op de luchthaven van Entebbe gelegen. Ze hadden nauwelijks geslapen. Ze hadden gewapende terroristen en Oegandese soldaten zien komen en gaan. En de door de ontvoerders gestelde deadline zou de volgende ochtend verstrijken. Velen dachten dat ze de nacht niet zouden overleven.

Toen begonnen de explosies.

‘Ze dachten meteen dat het moment was gekomen dat ze zouden sterven’, herinnert Ilan zich. ‘Ze probeerden hun kinderen te bedekken, of gewoon hun eigen gezichten. Toen zagen ze soldaten naar binnen stormen, gekleed in Oegandese uniformen die ze maar al te goed kenden, omdat ze die de hele week al hadden gezien.’ Even verstijfden ze van angst.

Toen hoorden ze Hebreeuws.

Voor de gegijzelden kwam de redding niet door het zien van Israëlische soldaten, maar door het horen van hun eigen taal.

‘Plotseling hoorden ze ons in het Hebreeuws roepen, terwijl we hen opdroegen te blijven liggen en vertelden dat we waren gekomen om ze naar huis te brengen.’ Vijftig jaar later zijn het nog steeds hun gezichten die hem weer als eerste te binnen schieten.

Een heel andere missie

Hij was in juli 1976 26 jaar oud en één van de 33 Sajeret Matkal-commando’s die waren geselecteerd voor de aanvalseenheid die één van de meest gewaagde militaire operaties van Israël moest leiden. Zittend in de zwarte Mercedes die later het symbool van de operatie zou worden – ontworpen om op de auto van de Oegandese dictator Idi Amin te lijken – behoorden hij en zijn teamgenoten tot de eerste soldaten die de terminal bestormden. Maar hij spreekt minder over heldendom dan over verantwoordelijkheid. Minder over geschiedenis dan over mensen.

Ter gelegenheid van de 50e verjaardag van de operatie werpen de op 26 juni jl. door het Israëlische staatsarchief vrijgegeven, als geheim bestempelde kabinetsnotulen, nieuw licht op de kwellende overwegingen tijdens de overleggen die aan de reddingsmissie voorafgingen. Ze tonen een regering die tot bijna het laatste moment de afwegingen maakte tussen onderhandelingen en een militaire operatie.

Maar officiële verslagen kunnen niet weergeven hoe het er in de terminal aan toe ging. Ilan kan dat wel.

‘We beseften pas dat dit een heel andere missie was op het moment dat we terugkeerden naar de basis en Yoni ons erover vertelde’, zegt hij. De soldaten waren al naar huis gegaan. Hun militaire dienst liep ten einde toen ze plotseling teruggeroepen werden naar de basis. Geen van hen had zich Oeganda kunnen voorstellen. Zelfs nadat ze aan boord van het C-130 Hercules-transportvliegtuig waren gestapt, bleven velen ervan overtuigd dat deze missie nooit echt zou plaatsvinden.

In Jeruzalem beraadslaagde de regering van premier Yitzchak Rabin intussen nog steeds over de vraag of er met de ontvoerders moest worden onderhandeld, of dat er toestemming moest worden gegeven voor een operatie waarbij Israëlische commando’s meer dan 4.000 kilometer diep in vijandelijk gebied zouden worden gestuurd.

Het vliegtuig steeg toch op. Het plan was om door te vliegen tot in het Ethiopische luchtruim, met genoeg brandstof om terug te keren als de toestemming zou uitblijven.

Als wij het niet doen, zal niemand anders het doen.

Voordat de vliegtuigen vertrokken vanuit Sharm el-Sheikh in de Sinaï, destijds onder Israëlische controle, riep Netanyahu de commando’s nog een laatste keer bijeen. ‘Hij hield een meeslepende, motiverende toespraak, herinnert Ilan zich. ‘Hij vatte die samen met de woorden’: “Als wij het niet doen, zal niemand anders het doen.” Bijna vijf decennia later is deze zin hem nog steeds bijgebleven.

Het tweede deel van de reis duurde ongeveer zeven uur. De Hercules vloog het grootste deel van de route laag om niet door de radar te worden opgemerkt. Binnenin bleef het laadruim bijna volledig donker.

Omdat hij de afgelopen anderhalve dag nauwelijks had geslapen, klom Ilan op de motorkap van de Mercedes en viel in slaap. ‘Het luide, monotone geluid van de C-130 was als een slaapmiddel’, zegt hij lachend. Hij sliep op het moment dat duidelijk werd dat de regering de missie uiteindelijk had goedgekeurd. Ongeveer een uur voor de landing maakte iemand hem wakker.

Toen Entebbe naderde, liep Netanyahu stilletjes de hele lengte van het vliegtuig door. Er werden geen grote toespraken gehouden. Hij bleef gewoon bij elk van de 33 commando’s staan, schudde elke man de hand en wenste hem geluk. Achteraf gezien is het een indrukwekkend beeld dat Ilan nooit is vergeten.

Commando’s van de Sayeret Matkal poseren naast de zwarte Mercedes waarmee ze de Oegandese troepen tijdens de gijzelaarsbevrijding op de luchthaven van Entebbe op 4 juli 1976 op een dwaalspoor hadden gebracht. Bron: woordvoerder van de IDF.

53 minuten die geschiedenis schreven

Alles wat daarna volgde speelde zich af in slechts 53 minuten.

De Hercules landde kort na 23.00 uur. De achterklep ging open en de Mercedes reed de landingsbaan op, geflankeerd door twee Land Rovers. Even leek de misleiding te werken. Toen hielden Oegandese soldaten in de buurt van de verkeerstoren het naderende konvooi tegen en openden het vuur.

‘De stille nadering was mislukt’, zegt Ilan. ‘Er was geen verrassing meer.’

De commando’s sprongen uit de voertuigen en renden naar de terminal. Binnen bewaakten vier terroristen de gegijzelden, buiten begonnen Oegandese troepen het vuur te beantwoorden. De grootste angst was steeds dat de terroristen gegijzelden zouden neerschieten zodra ze merkten dat er Israëlische troepen waren gearriveerd. Maar in plaats daarvan bereikte het aanvalsteam hen eerder. Binnen enkele ogenblikken waren alle vier de terroristen in de terminal gedood.

Pas toen durfde Ilan naar de mensen te kijken die op de grond lagen. ‘Toen we de hal hadden veiliggesteld, beseften we dat we de terroristen hadden uitgeschakeld en dat de gegijzelden geen kwaad meer kon worden gedaan. En toen we zagen dat de overgrote meerderheid van de gegijzelden in leven en ongedeerd was, viel onze spanning van ons af.’

Wat daarna volgde, verraste hem. De opluchting maakte plaats voor humor. Een verwarde gegijzelde keek op en vroeg hem hoe ze dan naar huis moesten komen. ‘Hebben jullie een vliegtuig meegenomen?’, vroeg ze. Nog steeds glimlacht Ilan bij die herinnering. ‘Ik zei tegen haar’: “Wat denk je dan? Wil je naar huis lopen? Dat is nogal een eind.” Even, temidden van het geweervuur en de verwarring, lachten de mensen.

Buiten ging de strijd door. Israëlische troepen stelden de luchthaven veilig, terwijl Oegandese geniesoldaten Sovjet-MiG-gevechtsvliegtuigen vernietigden om een achtervolging te voorkomen.

Op een zeker moment tijdens die hectische 53 minuten zag Ilan hoe Netanyahu onder vijandelijk vuur kwam. Hij wist meteen dat zijn commandant was geraakt. Wat hij niet wist, was dat de verwonding dodelijk zou zijn. Netanyahu werd aan boord van een van de Hercules-vliegtuigen geëvacueerd en stierf op weg naar Nairobi aan zijn verwondingen. Hij was de enige Israëlische militair die tijdens de operatie omkwam, en de missie, oorspronkelijk Operatie Thunderbolt genoemd, werd ter nagedachtenis aan hem omgedoopt tot Operatie Yonatan.

Maar als Ilan terugdenkt aan die nacht, gaan zijn gedachten niet terug naar de strijd buiten, maar naar de stilte die daarna in de terminal heerste. ‘Hun gezichten’, zegt hij zachtjes. ‘Ik zie nog steeds hun gezichten.’

Herinnering aan Yoni

Yoni Netanyahu had slechts sinds enkele maanden voor de operatie het bevel gevoerd over Sajeret Matkal. Ilan en zijn teamgenoten behoorden tot de soldaten met de meeste dienstjaren in de eenheid, en hij geeft met een glimlach toe dat ze er niet op uit waren om het hun nieuwe commandant gemakkelijk te maken.

‘We hebben hem waarschijnlijk bij elke stap beoordeeld’, zegt hij. Er was simpelweg niet genoeg tijd om een band te laten groeien. De operatie die Netanyahu tot een nationaal symbool maakte, kostte hem ook het leven. Vandaag de dag gelooft Ilan dat de meeste Israëli’s de militaire held kennen. Minder mensen kennen de mens achter het uniform. ‘Yoni was, naast zijn professionaliteit en zijn uitmuntende militaire vaardigheden, een spiritueel mens’, zegt hij. ‘De Israëli’s werden zich daarvan bewust toen zijn gedichten en gedachten na zijn dood werden gepubliceerd. Toch geloof ik dat deze kant van hem meer in de schaduw is gebleven.’

Ironisch genoeg is de Operatie Entebbe niet de missie die bij Ilan de diepste littekens heeft achtergelaten.

Lang voor Oeganda had hij al deelgenomen aan twee bevrijdingsoperaties die heel anders afliepen. In mei 1974 bezetten Palestijnse terroristen een school in Ma’alot in Galilea en doodden tijdens de reddingspoging 25 gegijzelden, waaronder 22 kinderen. Het jaar daarop bezetten terroristen het Savoy-hotel in Tel Aviv en doodden acht gegijzelde burgers en drie Israëlische soldaten, nadat ze explosieven in het gebouw tot ontploffing hadden gebracht. Ilan nam aan beide operaties deel.

‘Ik heb eigenlijk geen posttraumatische herinneringen aan Entebbe’, vertelt hij. ‘We hadden eerder al meer traumatische dingen meegemaakt. Entebbe verliep heel soepel’, zegt hij zachtjes.

Moed die verder reikt dan van de commando’s

Misschien is dat de reden waarom Ilan, wanneer hem wordt gevraagd wat de geschiedenis over het hoofd heeft gezien, geen melding maakt van de Israëlische commando’s. In plaats daarvan spreekt hij over de bemanning van Air France-vlucht 139.

Toen de niet-Israëlische passagiers enkele dagen voor de bevrijdingsoperatie werden vrijgelaten, kregen kapitein Michel Bacos en zijn bemanning de kans om ook te vertrekken. Ze weigerden. Zich er terdege van bewust dat ze Oeganda misschien nooit meer levend zouden verlaten, besloten ze tot het einde toe bij hun joodse en Israëlische passagiers te blijven.

‘Voor mij’, zegt Ilan, ‘is hun moed altijd onderbelicht gebleven.’

Een andere gijzelingscrisis

Bijna vijf decennia later ontvouwde zich opnieuw een gijzelingscrisis. Ilan volgde deze vanuit Texas.

Op 7 oktober 2023 bezocht zijn jongste dochter samen met haar Amerikaanse vriend Israël. Ze verbleven in het zuiden van het land, in de buurt van Eilat. ‘Ik werd wakker en had tien gemiste oproepen’, herinnert Ilan zich. Aanvankelijk nam hij aan dat Hamas weer een raketaanval had uitgevoerd. Pas geleidelijk aan drong het tot hem door dat Israël die dag met iets heel anders te maken had.

Zijn dochter wist veilig zijn appartement in Netanya te bereiken, voordat ze twee dagen later terugkeerde naar de Verenigde Staten. Anderen hadden minder geluk. Veel mensen hebben vergelijkingen gemaakt tussen Entebbe en 7 oktober, Ilan doet dat niet.

‘Ik heb er bewust voor gewaakt om de gegijzelden van Entebbe gelijk te stellen aan die van 7 oktober’, zegt hij. ‘De realiteit is totaal anders.’ Entebbe duurde dagen, de gegijzelden die op 7 oktober werden meegenomen ondergingen een gevangenschap van maanden en voor sommige families zelfs jaren.

‘De tijden en omstandigheden zijn zo verschillend’, zegt Ilan. Dan houdt hij even in. ‘We hebben ook geluk gehad.’ Hij herinnert zich wat de piloot van het Hercules-vliegtuig naar verluidt tegen premier Yitzhak Rabin zou hebben gezegd na de landing in Israël: ‘God heeft vandaag overgewerkt.’

Maar ondanks alles wat er in de afgelopen halve eeuw is veranderd, gelooft Ilan dat één principe constant is gebleven: Israël laat zijn mensen niet in de steek. Op de vraag of deze verplichting vandaag de dag anders aanvoelt dan in 1976, antwoordt hij zonder aarzelen. ‘Helemaal niet. Het is dezelfde belofte. Dezelfde verplichting. Dezelfde toewijding.’

De geschiedenis bewaren

Voor Ilan is het bewaren van deze geschiedenis een persoonlijke verantwoordelijkheid geworden.

Tien jaar geleden sloot hij zich aan bij andere veteranen en publiceerde hij Entebbe Declassified, een verzameling verslagen uit de eerste hand, geschreven door alle deelnemers aan de operatie, van commando’s tot piloten. Het boek, uitgegeven door HaMasder, de veteranenvereniging van Sajeret Matkal, ondersteunt het werk van de organisatie met kwetsbare jongeren, veteranen en, sinds 7 oktober, gewonde soldaten, overlevenden van trauma’s en de weduwen van leden van de eenheid.

Gevraagd wat hij tegen de jonge commando zou zeggen die op 3 juli 1976 aan boord van het Hercules-transportvliegtuig stapte, noemt Ilan geen dingen als geschiedenis, heldendom of opoffering. Zijn antwoord is even praktisch als de daad was om voor een geheime missie naar Oeganda te vliegen, ommdat dat gewoon het juiste was om te doen.

‘Ik zou zeggen’: “Voer de klus uit. En kom veilig terug.”

Bron: JNS

Israel Today nieuwbrief

Dagelijks nieuws

Gratis in uw mailbox

Israel Heute Newsletter

Tägliche Nachrichten

FREI in Ihrer Inbox