Tegen deze tijd van het jaar hebben de bomen alle winterregens opgeslorpt en stroomt het sap door de takken omhoog, wat het begin van een nieuw jaar van groei aankondigt. Het feest werd bekend als Rosh Hashana Le-ilanot, het Nieuwe Jaar voor de Bomen.
Dit was ook de dag van de Eerste Vruchten voor bomen die vier jaar oud waren geworden en hun eerste oogst hadden voortgebracht (Lev. 19:23-25).
Nadat de Tempel was verwoest, vierde het Joodse volk in ballingschap de feestdag door te genieten van de verscheidenheid aan vruchten en granen die in het Beloofde Land werden verbouwd, zoals vermeld in de Bijbel. Speciale zegeningen worden uitgesproken over druiven, olijven, granaatappels, vijgen, dadels, gerst en tarwe.
De amandelboom bloeit
Een van de mooiste taferelen in Israël is het ontluiken van de amandelbomen in het hele land, dat rond Toe BiShvat begint. De amandelboom heeft een speciale betekenis voor Toe BiShvat en in de hele Schrift.
Het Hebreeuwse woord voor amandel, שקד shaked, betekent ‘kijken’ of ‘ontwaken’. De amandelboom is een van de eerste van het jaar die ontluikt en zijn schitterende paarse en witte bloemen vullen de landschappen in geheel Israël als ze ‘ontwaken’ en het einde van hun winterslaap aankondigen.
De profeet Jeremia gebruikt het woord ‘ontwaken’ in een woordspeling om Gods trouw te benadrukken. ‘En het woord van de Heer kwam tot mij en zei: ‘Het woord van de HEERE kwam tot mij: Wat ziet u, Jeremia? Ik zei: Ik zie een amandel (שקד) tak. Toen zei de HEERE tegen mij: Dat hebt u goed gezien, want Ik waak (שקד) over Mijn woord om dat te doen.’ (Jer. 1:11-12 HSV)
De zegen van bomen
De Bijbel leert ons dat God de bomen en hun vruchten voor de mensheid schiep om tot zegen te zijn en voedsel te verschaffen. Joodse wijzen begrepen door de eeuwen heen het belang van het beschermen van bomen en de hele natuur. ‘De Heilige leidde Adam door de hof van Eden en zei: ‘Ik heb al mijn mooie en glorieuze werken geschapen omwille van jou. Pas op dat je Mijn wereld niet bederft en vernietigt. Want als je haar vernietigt, is er niemand om haar na jou goed te maken.‘ (Prediker Rabbah 7:13).
De Schrift verbiedt ook het roekeloos vernietigen van bomen, zelfs tijdens oorlog, wanneer er levens op het spel staan. ‘Wanneer u een stad vele dagen belegert en ertegen strijdt om haar in te nemen, dan moet u haar (vrucht)bomen niet te gronde richten door de bijl erin te slaan. U kunt er immers van eten; daarom mag u ze niet omhakken om ze een belegering(swal) voor u te laten worden, want het geboomte van het veld is (voedsel voor) de mens.’ (Deut. 20:19 HSV)
In een Engelse vertaling van deze tekst staat ‘zijn de bomen des velds mensen?’, wat suggereert dat, omdat de bomen niet aan een belegerde stad kunnen ontsnappen, zij genade moeten krijgen. God geeft om bomen en wil niet dat ze misbruikt worden, zelfs niet tijdens een oorlog.
In de nacht van Toe BiShvat lezen religieuze Joden voor uit een boekje met verzen uit de Torah en andere Joodse literatuur met de naam Pri Etz Hadar, Vrucht van de Schitterende Boom.
‘Welzalig de man die niet wandelt in de raad van de goddelozen, die niet staat op de weg van de zondaars, die niet zit op de zetel van de spotters, maar die zijn vreugde vindt in de wet van de HEERE en Zijn wet dag en nacht overdenkt. Want hij zal zijn als een boom, geplant aan waterbeken, die zijn vrucht geeft op zijn tijd, waarvan het blad niet afvalt; al wat hij doet, zal goed gelukken.’ (Psalm 1, 1-3 HSV).
Aan het einde van de lezing van de Torah in de synagoge is het gebruikelijk te zingen: ‘Zij [de wijsheid] is een boom des levens voor wie haar vastgrijpen: wie haar vasthouden, zijn gelukkig te prijzen.’ (Spr. 3:18). ‘De vrucht van de rechtvaardige is een boom des levens, en wie het leven redt, is wijs’ (Spr. 11:30).
Het is interessant dat de Bijbel begint en eindigt met de Boom des Levens, die symbool staat voor de leven-gevende volheid van God en zijn woord in ons leven. (zie Openbaring 22 en Genesis 2)
Bomen helpen Israël
Israël is misschien wel het enige land ter wereld waar de beboste gebieden zich sneller uitbreiden dan de woestijnachtige, dorre gebieden. De nationale cultuur van het planten van bomen, gevierd op Toe BiShvat, heeft de woestijn veranderd in een bloeiend en prachtig land vol leven. Net zoals het zaaien in Gods Woord veel vrucht en schoonheid zal voortbrengen in ons leven.
Na de wonderbaarlijke terugkeer van het Joodse volk naar Sion in 1948, was een van de eerste dingen die de pioniers deden bomen planten in het land dat generaties lang onvruchtbaar was gelaten. Tot op de dag van vandaag gaan Israëlische schoolkinderen op Toe BiShvat de velden in om overal in het land bomen te planten. Joden in de diaspora, en ook veel christenen, dragen geld bij voor het planten van bomen op het Nieuwjaar voor Bomen.