In de woestijn van Judea is een klein wapenarsenaal ontdekt dat vermoedelijk door Joden verborgen is gehouden tijdens hun opstand tegen de Romeinen bijna twee millennia geleden. Dit maakte de Israëlische Oudheidkundige Autoriteit woensdag bekend.
Het arsenaal, bestaande uit vier goed geconserveerde 1.900 jaar oude Romeinse zwaarden en een schachtwapen, werd ongeveer twee maanden geleden gevonden in een grotspleet in het natuurreservaat Ein Gedi bij de Dode Zee. Volgens onderzoekers waren ze blijkbaar verborgen door Judese rebellen nadat ze gevangen waren genomen door het Romeinse leger.

“We hebben te maken met een extreem zeldzame vondst, die nog nooit eerder in Israël is gezien,” zei Eitan Klein, een van de directeuren van de Israel Antiquities Authority’s (IAA) Judean Desert Survey, in een video bij de aankondiging van de vondst. “Vier zwaarden die verbazingwekkend goed bewaard zijn gebleven, inclusief de goede staat van het metaal, de handgrepen en de schedes.”
“Een enkel zwaard vinden is zeldzaam – maar vier? Dat is een droom! We wreven in onze ogen van ongeloof,” zeiden de onderzoekers.
De wapens werden volgens de IAA ontdekt in een kleine, verborgen grot in een afgelegen en ontoegankelijk rotsachtig gebied ten noorden van Ein Gedi. De grot was al bekend bij archeologen omdat het een stalactiet bevat met een fragmentarische inktinscriptie in oud Hebreeuws schrift, kenmerkend voor de Eerste Tempel periode.
De zwaarden met hun goed gevormde handvaten van hout of metaal waren uitzonderlijk goed bewaard gebleven en drie zwaarden werden nog in hun houten schedes gevonden. Stroken leer en houten en metalen onderdelen van de wapens werden ook in de spleet gevonden.
De lengte van de klingen van drie zwaarden was 60-65 cm, wat ze identificeert als Romeinse spatha zwaarden. Het vierde zwaard was korter met een lemmet van 45 cm en werd geïdentificeerd als een ringzwaard.
Een eerste onderzoek van de wapens bevestigde dat het standaard zwaarden waren die gebruikt werden door Romeinse soldaten die in Judea gestationeerd waren tijdens de Romeinse periode.
“Het verbergen van de zwaarden en het wapen in diepe scheuren in de afgelegen grot ten noorden van Ein Gedi suggereert dat de wapens werden meegenomen als buit door Romeinse soldaten of van het slagveld en opzettelijk werden verborgen door de Judese rebellen om opnieuw gebruikt te worden,” zei Klein. “Het is duidelijk dat de rebellen niet betrapt wilden worden met deze wapens door de Romeinse autoriteiten,” voegde hij eraan toe.
Archeologen zullen proberen de historische gebeurtenis te achterhalen die leidde tot het verbergen van deze wapens om vast te stellen of het inderdaad de tijd van de Bar Kochba Opstand is.
De Bar Kochba Opstand, die plaatsvond van 132-135 na Christus, was een mislukte Joodse opstand tegen de Romeinse overheersing in Judea onder leiding van de rebellenleider Simon Bar Kochba.
De zwaarden, die uitzonderlijk goed bewaard zijn gebleven door het koele en droge klimaat in de woestijngrotten, werden gedateerd op basis van hun typologie en hebben nog geen radiokoolstofdatering ondergaan.
Na de ontdekking voerde het IAA een archeologische opgraving uit in de grot, waar artefacten uit het Chalcolithicum (6000 jaar geleden) en Romeinse tijd (2000 jaar geleden) werden gevonden. Bij de ingang van de grot werd een bronzen munt van Bar Kochba uit de tijd van de opstand gevonden.
Een artikel over de zwaarden werd gepubliceerd in het volume “New Studies in the Archaeology of the Judean Desert: Collected Papers”, dat handelt over nieuwe archeologische vondsten die de afgelopen zes jaar werden ontdekt in het kader van het Judean Desert Survey Project.
“We hebben opnieuw spannende vondsten gedaan in de Judeawoestijn die ons een kijkje geven in het dagelijks leven van onze voorouders die zo’n 2000 jaar geleden in dit gebied leefden,” zei Israëls minister van Cultureel Erfgoed, rabbijn Amichai Eliyahu. “De ontdekking van deze zwaarden in een grot waar eerder een Hebreeuwse inscriptie uit de tijd van de Tempel werd gevonden, is nog een bewijs van de blijvende traditie van het volk Israël en onderstreept het belang van zowel het geschreven woord als het zwaard als symbolen van ons spirituele en materiële erfgoed.”
In de afgelopen zes jaar zijn honderden grotten doorzocht in Israël en zijn er 24 archeologische opgravingen uitgevoerd in geselecteerde grotten om de archeologische overblijfselen te beschermen tegen plunderaars.
“De Judeawoestijn blijft ons verrassen,” zei Amir Ganor, een van de projectleiders.