De Israëlische minister van Buitenlandse Zaken Gideon Sa’ar beschuldigde de Spaanse premier Pedro Sanchez maandag van ‘schaamteloos liegen’ over de rol van Israël in de Ceuta-crisis, die op 30 juli uitbrak toen tienduizenden migranten vanuit Marokko de Noord-Afrikaanse Spaanse enclave binnenstroomden.
‘In een interview met Cadena SER heeft hij opnieuw gelogen en Israël op verbazingwekkende wijze beschuldigd van het verspreiden van misleidende informatie over de gebeurtenissen in Ceuta’, schreef Sa’ar. ‘Dat is een brutale leugen. Het voortdurend verspreiden van lasterlijke leugens zal niet afleiden van het feit dat Sánchez jammerlijk heeft gefaald bij het besturen van zijn land.’
Sánchez zei in een gesprek met presentator Aimar Bretos in het programma Hoy por Hoy van Cadena SER dat de oorzaken van de crisis nog worden onderzocht, maar wijt de crisis aan ‘geruchten en desinformatie’ die worden verspreid via socialemedia-accounts die ‘zowel met Rusland als met Israël en een internationale extreemrechtse beweging’ en die volgens hem de migratie zouden misbruiken om Spanje en Europa aan te vallen.
De crisis brak uit op 30 en 31 juli, toen tienduizenden migranten vanuit het naburige Marokko Ceuta binnenvielen of dat probeerden. De Spaanse autoriteiten schatten het aantal op ongeveer 70.000, waarbij de meesten vervolgens naar Marokko terugkeerden. Volgens Sánchez verbleven er maandag nog ongeveer 5.000 migranten, waaronder 1.200 minderjarigen, in Ceuta.
Sánchez zei dat er geen bewijs is dat Marokkaanse autoriteiten bij de massale oversteek betrokken waren, en sprak zijn waardering uit voor de samenwerking van Rabat met Madrid tijdens de crisis. Hij schreef de toestroom deels toe aan valse beweringen die online de ronde deden, nadat het Spaanse Hooggerechtshof een uitspraak had gedaan over de terugsturing van migranten die via de zee naar Ceuta komen.
Het incident heeft in Spanje complottheorieën aangewakkerd, waaronder beweringen dat Israël van de crisis zou hebben geprofiteerd of deze mede zou hebben veroorzaakt. De Spaanse acteur Javier Bardem deelde berichten op sociale media waarin werd beweerd dat Israël en westerse extreemrechtse groeperingen zouden hebben geprofiteerd van een verzwakt Spanje.
De speculaties namen toe nadat Danny Danon, de Israëlische ambassadeur bij de Verenigde Naties, op 30 juli kritiek had geuit op de manier waarop Spanje met de crisis omging en schreef dat Madrid eerst moest uitleggen waarom het „koloniale enclaves“ in Afrika in stand hield, voordat het Israël verder de les kon lezen. De Spaanse minister van Verkeer Óscar Puente antwoordde: ‘Nou, het wordt langzamerhand allemaal heel duidelijk’, in een duidelijke verwijzing naar de suggestie van Israëlische betrokkenheid.
Het Israëlische ministerie van Buitenlandse Zaken distantieerde zich daarop van de uitspraken van Danon. Dana Erlich, de Israëlische ambassadrice in Spanje, schreef op 31 juli dat Israël ‘de situatie in Ceuta nauwlettend volgt’ en dat ‘de uitspraak van de Israëlische VN-ambassadeur over dit onderwerp niet het standpunt van de staat Israël weerspiegelt’.
(JNS)