Rabbijn eist dat Israël de tempelschatten van het Vaticaan terughaalt

“Wachten we op het moment dat de aartsengel Michaël naar Rome vliegt, het Vaticaan afbreekt en de Tempelschatten mee terug te nemen?”

Door Ryan Jones | | Onderwerpen: schatten, geschiedenis, Derde Tempel
Een model van de Tweede Tempel in Jeruzalem. Foto: Mendy Hechtman / Flash90

“Het maakt je aan het huilen,” klaagde rabbijn Yair Zemer Tov toen hij in 2018 sprak over het feit dat de staat Israël weet waar de gestolen tempelschatten zijn en er schijnbaar niets aan doet om ze terug te brengen naar Jeruzalem.

In een videoclip die nog steeds enthousiast wordt gedeeld op Hebreeuws-talige sociale media, dringt de rabbijn erop aan dat de herboren staat Israël moet eisen dat het Vaticaan de Menora en andere kostbare voorwerpen teruggeeft die uit de Tempel werden meegenomen toen de Romeinen in het jaar 70 n.C. Jeruzalem verwoestten.

“Wachten we op het moment dat de aartsengel Michaël naar Rome zal vliegen, het Vaticaan zal vernietigen en de schatten aan ons terug zal geven?” vroeg de verontwaardigde rabbijn. “Dit zijn de kostbaarste voorwerpen in de wereld voor het Joodse volk. Waarom blijven ze diep onder de grond begraven?”

De rabbijn suggereerde inderdaad sterk dat er een spiritueel aspect zit aan het verborgen houden van de tempelwerktuigen. Immers, de meesten die in het bezit zijn van legendarische historische artefacten staan te popelen om ze tentoon te stellen. Maar niet de voorwerpen die uit de Tempel in Jeruzalem zijn meegenomen.

“Dat roept veel vragen op,” merkte de rabbijn op.

Vaticaanstad in het hart van Rome. (Foto: Efrat Herman / Flash90)

De scepticus zou kunnen zeggen dat het Vaticaan deze voorwerpen niet tentoonstelt omdat het ze eenvoudigweg niet heeft. Rome is een aantal keren geplunderd en verschillende indringers hebben de schatten van de Tempel meegenomen, misschien zelfs wel vernietigd of omgesmolten. En dat is in de veronderstelling dat ze ooit in Rome zijn aangekomen.

Maar als antwoord op deze scepsis wijzen Rabbiin Zemer Tov en anderen op historisch bewijs en een handvol ooggetuigenverslagen dat de uit de Tempel meegenomen voorwerpen Rome wel degelijk bereikten. Op wonderbaarlijke wijze overleefden deze voorwerpen ongeschonden in de kelders van het paleis van keizer Vespasianus, waar later het Vaticaan overheen werd gebouwd.

Het eerste en meest voor de hand liggende bewijsstuk is de Boog van Titus, die zich net buiten het Colosseum in Rome bevindt. Het is een triomfboog die scènes afbeeldt van de overwinning op de opstandige Joden van Jeruzalem in 70 n.C. Op een van de gebeeldhouwde panelen zien we Romeinse soldaten die de Menora en andere schatten van de Tempel wegdragen.

Boog van Titus in Rome. Het bewijs dat de Romeinen de tempelschatten meenamen naar hun hoofdstad is hier voor iedereen te zien. (Foto: Yossi Zamir / Flash90)

Josephus Flavius, een Joodse historicus die van kant wisselde, vergezelde de Romeinen tijdens hun militaire campagne in Judea. Hij schrijft eveneens dat Vespasianus persoonlijk aanspraak maakte op de tempelschatten en ze terugbracht naar zijn residentie in Rome.

Maar zijn ze daar nog? Volgens verschillende vermeende ooggetuigenverslagen zijn ze daar!

Zo zijn er de geschriften van Rabbi Benjamin von Tudela uit de 12e eeuw, die beweert dat de grot waar Titus de tempelschatten voor zijn vader bewaarde, zich nog steeds ongestoord in het hart van Rome bevindt.

Er is het verhaal van een Zwitserse bewaker van het Vaticaan die 35 jaar geleden ontdekte dat hij Joods was. Hij besloot om zelf de oude schatten van Israël te gaan bekijken, waarbij zijn betrouwbaarheid en zijn verklaring, later werd bevestigd door de voormalige opperrabbijn van Rome.

En dan is er de meer recente getuigenis van een Joodse man die 50 jaar geleden aan de Pauselijke Stedelijke Universiteit van het Vaticaan studeerde. Hij herinnert zich dat zijn leraren zo ver gingen in hun pogingen hem te misleiden door hem de tempelschatten te laten zien. Ze probeerden aan te tonen dat de Joden niet langer Gods uitverkoren volk waren. Zijn getuigenis was naar verluidt zo overtuigend dat de toenmalige Israëlische minister van Buitenlandse Zaken Shimon Peres in 2002 tijdens een bezoek aan het Vaticaan met katholieke functionarissen onderhandelde over de tempelschatten.

Voor meer informatie over deze verschillende ooggetuigenverslagen door de geschiedenis heen, en vooral in recentere decennia, zie het artikel van Harry Moskoff: Is er nieuw bewijs van Joodse Tempelschatten in het Vaticaan?

Wat zei Shimon Peres tegen de ambtenaren van het Vaticaan na het horen van overtuigend bewijs dat zij in het bezit waren van de meest heilige schatten van het Jodendom? (Foto: Oren Nahshon / Flash90)

Maar de getuigenis waar Rabbijn Zemer Tov op leunde was die van Rabbijn Yitzchak Chai Bokovza. Hij was in de vroege jaren 1900 opperrabbijn van Libië en een alom gerespecteerde Thorageleerde.

n 1929 kwam de Italiaanse koning Vittorio Emanuel III op bezoek, omdat Libië op dat moment onder Italiaans bestuur stond. Hij was zo onder de indruk van Rabbi Bokovza dat de koning de wijze Jood smeekte het aanstaande huwelijk van zijn zoon bij te wonen en het nieuwe paar in te zegenen. De rabbi stemde uiteindelijk toe en reisde naar Rome. Na de bruiloft liet de dankbare koning Rabbi Bokovza alles vragen wat zijn hart begeerde. Er was maar één ding: de schatten van de Tempel aanschouwen.

Het feit dat Rabbijn Bokovza zo een verzoek deed, vastgelegd als het is in zijn verschillende geschriften, getuigt al van het wijdverbreide geloof in die tijd dat de schatten van de Tempel van Jeruzalem nog steeds onder Rome begraven lagen.

Foto van Rabbi Bokovza met de Koning van Italië op bezoek in Libië in 1929. Foto behoort toe aan de Hitachdut Olei Luv en is gelicenseerd onder de Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 en is op geen enkele manier gewijzigd.

De koning zette de paus onder druk en de rabbijn werd toegelaten in de catacomben diep onder het Vaticaan.

Maar net toen de bewaker die hem begeleidde de sluier wilde wegtrekken, vroeg rabbijn Bokovza hem te stoppen. Hij zei dat hij “genoeg had gezien” en haastte zich terug naar buiten. De rabbijn zwoer een eed van zwijgen en stierf een maand later.

“Dit is een waar gebeurd verhaal,” drong rabbijn Zemer Tov aan en inderdaad, talrijke verslagen uit die tijd bevestigen dat het waar is. “De grote vraag is, waarom heeft de herboren en soevereine staat Israël geen verzoek ingediend om terug te geven wat aan het Joodse volk toebehoort?”

Hij merkte op dat Israël sinds zijn onafhankelijkheid allerlei pogingen heeft ondernomen om terug te geven wat door de nazi’s van het Joodse volk was gestolen. “Maar wat ons het meest dierbaar is, u weet precies waar het zich bevindt, maar u doet niets om het aan ons terug te geven,” verzuchtte hij, “Waarom blijft het begraven?”

Israel Today nieuwbrief

Dagelijks nieuws

Gratis in uw mailbox

Israel Heute Newsletter

Tägliche Nachrichten

FREI in Ihrer Inbox