Het is een mooie tijd om joods te zijn.
Terwijl menigten over de hele wereld slogans scanderen die elke rationele betekenis ontberen; terwijl de zin ‘From the river to the sea’ wordt herhaald, zonder rekening te houden met geografie, geschiedenis of gevolgen; terwijl het woord ‘genocide’ wordt gebruikt om een conflict te beschrijven waarin de Palestijnse bevolking is gegroeid van ongeveer 150.000 in 1948 tot ongeveer twee miljoen vandaag de dag; terwijl de taal van de mensenrechten op zijn kop wordt gezet om bewegingen te verdedigen die vrouwen onderdrukken en homoseksuelen executeren; terwijl kranten verzonnen en onbevestigde slachtofferaantallen verspreiden – is er één klein volk, amper 0,2 % van de mensheid, zo’n 15 miljoen zielen wereldwijd, dat niet liegt.
Te midden van een lawine van leugens spreken joden gewoon de waarheid. Ze blijven de fundamentele principes van de westerse beschaving verdedigen. Ze zetten alles op het spel om hun kinderen te beschermen, strijden voor democratie en geloven in de rechtvaardigheid van hun nationale missie – ongeacht hoeveel raketten ze moeten doorstaan, hoeveel vooraanstaande intellectuelen hen ook beschuldigen, hoeveel absurde krantenkoppen er ook verschijnen of hoeveel oude bekenden zich ook van hen afkeren.
Dat is de nieuwe joodse boodschap.
Het is niet langer de wanhopige kreet van vervolging die door eeuwen van ballingschap weerklonk. Joden hebben vaak gedebatteerd over de vraag hoe ze hun eigen geschiedenis moeten interpreteren. In 1928 zette de grote historicus Salo Baron vraagtekens bij wat hij de ’tranenrijke opvatting’ van de joodse geschiedenis noemde, en betoogde hij dat zelfs in de middeleeuwen de joodse intellectuele en spirituele creativiteit bloeide.
Vandaag is de boodschap een andere.
Ja, we zijn nog steeds geschokt, er is teleurstelling, woede en gerechtvaardigde angst. Sinds 7 oktober 2023 heeft de wereld niet alleen het ergste bloedbad onder joden sinds de Holocaust meegemaakt, maar ook de snelle opbouw van een enorme, goed gefinancierde machinerie van antisemitisme. Deze reikt van modecampagnes met kaarten waarop Israël is weggevaagd tot moorden in Manchester en op Bondi Beach in Sydney; van joden die van universiteitscampussen, festivals en sportevenementen worden geweerd tot antisemitische patrouilles in Thessaloniki en klopjachten op joden in Londen.
Maar wie denkt dat deze campagne het joodse volk zal breken, heeft het mis.
Als het moet zullen we met onze nagels vechten.
Dat deden we al toen er 1.000 dagen geleden iets gebeurde dat aanvoelde als een ondraaglijke ramp. Sindsdien hebben de joden, naast de fysieke gruwelen van een bloedbad, verkrachtingen en pogingen tot genocide, ook te lijden gehad onder psychologische oorlogsvoering, die erop gericht was ons te isoleren – ons ervan te overtuigen niet alleen om onze doden te rouwen, maar ook om onze eigenlijke identiteit. En om te geloven dat joden overal weer weerloze doelwitten zouden worden.
In plaats daarvan gebeurde er iets anders.
In Israël en in de hele diaspora is het belang van de joodse identiteit duidelijker geworden dan ooit tevoren. De beschaving die de mensheid als eerste de Tien Geboden en het gebod ‘Heb uw naaste lief als uzelf’ gaf, zal voortbestaan. De poging om Israël en het joodse volk te vernietigen, zal mislukken.
Er zijn geen joden meer met trillende knieën.
Zoals Golda Meir tijdens de Jom Kipoeroorlog in 1973 Henry Kissinger in herinnering bracht, nadat deze had opgemerkt dat hij ten eerste Amerikaan, ten tweede minister van Buitenlandse Zaken en ten derde jood was: ‘Henry, je vergeet dat we in Israël van rechts naar links lezen.’
In slechts acht decennia sinds de Holocaust heeft een volk dat gedecimeerd, verweesd en gebroken uit de oorlog kwam, zijn voorouderlijk thuisland opgebouwd tot één van de meest dynamische democratieën ter wereld. Israël is uitgegroeid tot een wereldwijde koploper op het gebied van geneeskunde, landbouw, technologie, literatuur, muziek en wetenschappelijke innovatie, en heeft tegelijkertijd één van de meest slagvaardige legers ter wereld opgebouwd – niet om te veroveren, maar omdat het voortbestaan dat vanaf de dag dat de Joodse staat werd gesticht vereiste.
De historische feiten zijn ondubbelzinnig. De Arabische afwijzing van Israël ging nooit echt over grenzen of soevereiniteit. Vanaf het begin was het doel de vernietiging van de joden – Yehud – en later van de joodse staat zelf.
De militaire kracht van Israël heeft altijd de omvang van de tegen het land gerichte agressie weerspiegeld. Wie de moderne oorlogsvoering begrijpt, weet dat vernietiging tragisch genoeg onvermijdelijk is wanneer terreurlegers zich verschuilen onder ziekenhuizen, scholen, moskeeën en woongebouwen en daarbij uitgebreide tunnelnetwerken onder burgerwijken exploiteren.
Ondanks dat blijven veel van de wereldwijd verspreide slachtofferaantallen uiterst omstreden. Studies van de militaire analist John Spencer en de Henry Jackson Society trekken centrale beweringen van Hamas in twijfel. Sensationele beschuldigingen met betrekking tot misdaden tegen kinderen zijn bij nader onderzoek herhaaldelijk in duigen gevallen, waaronder de publicatie van een foto in de New York Times, waarop een kind te zien was dat aan taaislijmziekte leed en op grote schaal – maar ten onrechte – werd gepresenteerd als bewijs voor een door Israël veroorzaakte hongersnood.
Maar feiten spelen steeds minder een rol voor de alliantie van radicaal-islamistische ideologie en westers ‘woke’-activisme, dat vastbesloten is het zionisme zelf te delegitimeren.
De oude antisemitische lastercampagnes hebben slechts een nieuwe woordenschat gekregen.
In plaats van joden te beschuldigen van het vergiftigen van waterputten, worden ze ‘kolonisten’ genoemd. In plaats van hen af te schilderen als racistische samenzweerders, worden ze beschuldigd van ‘apartheid’. In plaats van wereldheerschappij na te streven, worden ze beschuldigd van ‘genocide’.
De labels zijn veranderd. Het doel niet.
Maar na bijna drie verschrikkelijke jaren sinds 7 oktober 2023 heeft Israël een buitengewone veerkracht getoond.
Het heeft de militaire leiding van Hamas vernietigd en figuren als Ismail Haniyeh, Mohammed Deif en Yahya Sinwar uitgeschakeld. Het heeft de strategische positie van Hezbollah gebroken, Hassan Nasrallah gedood en een nieuw veiligheidskader rond Libanon geschapen.
Het heeft strategische posities langs de onstabiele Syrische grens ingenomen, de banden met de Verenigde Staten ondanks onvermijdelijke spanningen versterkt, de relaties met Arabische, Balkan-, Latijns-Amerikaanse- en Indiase partners uitgebreid en zich rechtstreeks tegen het Iraanse regime verzet door diep op Iraans grondgebied toe te slaan, nog voordat de Verenigde Staten zich aansloten om de nucleaire installaties van Teheran aan te vallen.
Is het werk voltooid? Natuurlijk niet. Dat zal het ook nooit zijn.
Het joodse volk, dat vandaag de dag misschien wel meer verenigd is dan op enig ander moment in de recente geschiedenis, is zich bewust van zowel zijn 3.000 jaar oude erfgoed, als van zijn verantwoordelijkheid om zich tegen het radicale islamisme te verzetten, nog voordat een groot deel van Europa daar zelf toe bereid is. In de hele diaspora beseffen joden steeds meer dat aanvallen op Israël vaak niets anders zijn dan de nieuwste uiting van de haat tegen joden.
Sinds 7 oktober hebben de Verenigde Naties Israël honderden keren veroordeeld, terwijl ze degenen die openlijk streven naar de vernietiging ervan grotendeels negeren.
En toch gaat het leven door.
De scholen zijn net gesloten voor de zomer. De kinderen, die twee jaar lang naar schuilplaatsen moesten rennen, spelen en zingen weer op de straten van Jeruzalem.
Dit jaar. Volgend jaar. Met onze vingernagels, als het moet. In Israël en over de hele wereld.
Bron: JNS