Iran herziet verhaal van Esther, noemt Poerim 'een dag van rouw'
In Iran wordt Poerim herdacht als de dag waarop de Joden in de oudheid 75.000 Perzen vermoordden onder hun bloeddorstige koningin Esther
Over een paar maanden vieren Israëli's en Joden over de gehele wereld Poerim, en gedenken de bevrijding van de Joden in het Perzische Rijk van de ondergang, 2300 jaar geleden. In Iran, het centrum van het oude Perzische Rijk, wordt die datum herdacht met rouw en woede.
Al jaren leren de Iraanse de schoolkinderen, dat op Purim het vermoorden van 75.000 Perzen door de Joden onder het bevel van koningin Esther wordt herdacht. Het wordt tegenwoordig voorgesteld als een oude Iraanse holocaust, gepleegd door de Joden.
De Iraanse versie laat het deel weg waarin Haman, de raadsheer van de koning, de Perzische koning overhaalt, een decreet te ondertekenen dat de uitroeiing van de Joden van het rijk toestaat. Wanneer Esther haar Joodse achtergrond bekend maakt aan de koning en onthult dat Haman hem misleidt, vaardigt de koning een tweede decreet uit, dat de Joden toestaat om zich te verdedigen. Door Gods genade bleven de Joden grotendeels gespaard, terwijl hun vijanden werden afgeslacht.
Dit jaar kan Iran verder gaan dan alleen het herzien van het bijbelse verslag. De Iraanse autoriteiten hebben besloten om de status te verlagen van het 'Graf van de Joden Esther en Mordechai' in de stad Hamadan in het centrum van Iran. Het graf genoot eerder de status van een officieel bedevaartsoord.
Na het verlagen van de status begon het Iraanse persbureau Fars het idee te steunen, dat Esther en haar oom Mordechai verantwoordelijk waren voor een massamoord van Iraniërs, en dat hun laatste rustplaats tot nu toe alleen maar werd gedoogd.
Het Iraanse persbureau MEHR meldde, dat een paar weken geleden een groep van 250 militante Iraanse studenten bij het graf bijeen kwamen en dreigden het af te breken.
