Leugens over Jeruzalem leiden tot oorlog
Een gewapend conflict wordt altijd voorafgegaan door leugens. Eerst komt de oorlogstaal, daarna komen de bommen. Volgens de Bijbel, onder andere in Zacharia 12, zal er in de eindtijd oorlog worden gevoerd tegen Jeruzalem. Nu al zien we de leugens, het verbale geweld dat ingezet wordt om de weg voor te bereiden naar oorlogsgeweld. De toespraak van de Palestijnse leider Mahmoud Abbas voor de
Algemene Vergadering van de VN was doorspekt met leugens. Hier een paar voorbeelden:
Leugen 1: Jeruzalem is een puur Arabisch-islamitische stad.
Waarheid: Wie de geschiedenis een beetje kent, weet dat Jeruzalem al in 1004 v.Chr. door koning David werd gesticht als hoofdstad van Israël. Ook nadat Jeruzalem in 70 n.Chr. door de Romeinen werd verwoest, bleef het voor de Joden in de diaspora de eeuwige hoofdstad. Jeruzalem is de heiligste plaats voor Joden, de plek waar ooit de tempel heeft gestaan. De Klaagmuur is het bewijs en laat ons zien waar de tempel heeft gestaan en waar het heiligdom in de toekomst zal staan. Daar staat tegenover dat de islam pas in 622 na Chr. ontstond. Toen Jeruzalem in 638 door moslims werd veroverd, woonden er Joden in Jeruzalem. Ook toen de Kruisvaarders de stad bestormden, was er sprake van een Joodse bevolking. De eerste moderne volkstelling vond plaats in 1844, daarbij werden 7120 Joodse inwoners in Jeruzalem geregistreerd, 5030 moslims en 3390 christenen.
Leugen 2: Volgens VN-resolutie 242 wordt Oost-Jeruzalem met inbegrip van de oude stad beschouwd als door Israël bezet gebied. Met de annexatie van Jeruzalem schendt Israël de VN-resolutie.
Waarheid: De VN-resolutie is totaal niet van toepassing op Jeruzalem. Jeruzalem werd in deze resolutie met opzet niet vermeld, omdat de Verenigde Naties destijds meenden dat Jeruzalem niet tot het overige grondgebied van Palestina kon worden gerekend. Daarom mocht Jordanië negentien jaar lang (1948-1967) Jeruzalem ook niet als Jordaans grondgebied annexeren, want vanaf het begin af aan was duidelijk dat alleen het Joodse volk een historisch- en daarmee politiek recht op Jeruzalem heeft. In de tussentijd zocht de VN naar een oplossing waar alle partijen zich in konden vinden, en wilden zij dat de oude stad van Jeruzalem onder internationaal toezicht zou komen te staan. Israël verwerpt dit voorstel en ook de Palestijnen zijn daartegen, maar zij doen dat omdat zij Jeruzalem ‘Jodenvrij’ willen maken.
Leugen 3: Israël heeft de rechten van de Palestijnse bevolking in Jeruzalem drastisch beperkt.
Waarheid: Arabieren in Jeruzalem genieten niet alleen absolute godsdienstvrijheid, maar ook volledige politieke vrijheid; zij kunnen als Israëlische staatsburgers deelnemen aan de verkiezingen en zelf ook gekozen worden en eigen politieke partijen oprichten. Momenteel zijn er in het Israëlische parlement (Knesset) drie Arabische partijen met elf Arabische volksvertegenwoordigers. Inwoners van Jeruzalem die geen Israëlisch staatsburger zijn, kunnen wel deelnemen aan de gemeenteraadsverkiezingen. Zij genieten in Israël meer democratische rechten dan hun volksgenoten in Gaza, Jordanië en andere Arabische buurlanden.
Leugen 4: De Haram e-Sharif (Tempelberg) is altijd een heilige plaats geweest voor de islam, terwijl het Jodendom geen enkele binding heeft met deze plek. De moefti van Jeruzalem (Ikrima Sabri) verklaarde dat er geen enkel bewijs geleverd kan worden dat op deze plaats ooit een Joodse tempel heeft gestaan.
Waarheid: Men vraagt zich af of de leden van de algemene vergadering van de VN zo ernstig tekortschieten in algemene kennis, dat zij dit niet direct als een schaamteloze leugen afwijzen, of dat zij totaal verblind zijn en zichzelf daarmee bij voorbaat tot vijanden van Israël hebben gemaakt. Het 144.000 mÇ grote Tempelplein (Har ha-Bayit) op de berg Moria is de oudste en meest heilige plek voor Joden omdat koning Salomo hier in 961 v.Chr. de tempel oprichtte als centraal heiligdom voor het Joodse volk. Bewijzen hiervoor vind je niet alleen in de Bijbel. Veel geschiedschrijvers uit de oudheid beschrijven op gedetailleerde wijze de aanwezigheid van een Joodse tempel in Jeruzalem. Maar de Palestijnse president Abbas loog voor de algemene vergadering van de VN, dat ‘hier nooit een Joodse steen gelegen heeft.’ De apostel Paulus waarschuwt in II Tessalonicenzen 2:11-12: ‘Want ze hebben de liefde voor de waarheid, die hen had kunnen redden, niet aanvaard. Daarom treft God hen met verblinding, zodat ze dwalen en de leugen geloven. Zo zal iedereen die de waarheid niet gelooft maar behagen schept in onrecht, worden veroordeeld.’
Ludwig Schneider


